vrijdag 21 september 2018

De fjorden van Kenai - augustus


Zoals altijd is het weer even omschakelen als we met z´n tweeën zijn. Brad helpt ons nog een keer met de boodschappen voor een paar weken, gas tank en diesel gevuld, we kunnen er weer even tegen. Met een warm gevoel nemen we afscheid van Brad, Marsha en Kodiak. We varen niet ver, terug naar de beschutte Kitoi baai. Dagen van storm en veel regen zijn voorspeld, dus we zetten zelfs de wintertent op om wat extra droge ruimte te hebben.
We genieten van de beren rondom de kwekerij, dit keer zien we een moeder met een drieling en een moeder met een tweeling. De 5 cubs zijn ongeveer een jaar oud en schattig. Er is ook nog een moeder met twee hele kleintjes, maar ze vindt het te druk en scharrelt heen en weer met vissen naar het bos, waar de kleintjes zijn achtergebleven. Er zijn ook een paar mannetjes, maar de cubs lopen voorzichtig om ze heen terwijl ze staan te vissen. Het stuk vlakbij de kwekerij wemelt werkelijk van de vis, dus geen wonder dat de beren het zo goed doen hier. 
We genieten daarna van het gezelschap van Genelle, Nate en de kinderen. Het is zo fijn om weer even ergens ´thuis´ te zijn. Samen eten, spelletjes doen met de kinderen, voorlezen en luisteren naar alle verhalen. We gaan bessen plukken met z´n allen en lopen naar Little Kitoi meer, varen een stuk over het meer en komen met een aardige oogst bosbessen weer terug. Nate had de beren gezien en beren zijn dol op alle bessen en naast vis is het een belangrijke voedingsbron voor ze. Het gezin komt ook op bezoek om Tara te zien, voor hen toch een vreemde wereld. De boot ziet er van buiten niet zo groot uit, maar binnen valt het ze enorm mee, je kunt alles wat je in huis ook kunt! Ik neem de oudste mee terug in de dinghy naar de kwekerij, eerst spuiten we full speed tot de afscheiding van de kwekerij en daarna mag hij rustig verder varen. Hij straalt als hij uit de dinghy stapt.
Het weer ziet er niet erg aanlokkelijk uit: regen, geen wind en vervelende golven, maar we gaan toch op weg voor een overnachter naar het vasteland. We raken er aan gewend dat het hier óf stormt óf windstil is, en dus veel motoruren maken. Het Kenai Schiereiland is onze volgende bestemming. Zo'n 750 mijl kust met diepe fjorden, enorme gletsjers tot in de zee en veel zeedieren zoals walvissen, orka's en zeeleeuwen. Aan de westkant wordt het schiereiland begrensd door de Cook Inlet – die tot Anchorage loopt - aan de oost kant door de Prince William Sound. Als we McCarty fjord invaren wordt het eindelijk droger. McCarty is het langste fjord hier, de gletsjer is nog wel 20 mijl verder het fjord in. Roel slaapt bij en ik vaar een eind het fjord in tot we een goed zicht op de gletsjer hebben. En zo gaan we een paar dagen van de ene prachtige gletsjer en ankerplaats naar de andere. 
We zien otters, zeehonden, een enkele Steller zeeleeuw en Roel komt in Thumb cove uit het niets op 50 meter afstand een beer tegen. Roel maakt zich groot en roept naar de beer, en de beer is de verstandigste en loopt weg.
De omgeving is werkelijk prachtig! Hoge kliffen met sneeuw, tientallen watervallen en gletsjers, de meesten tot in het water. De afgelopen 100 jaar zijn de meeste gletsjers wel in lengte en dikte afgenomen. Waar ze zich teruggetrokken hebben, ontstaat een meer achter de grindbank die de gletsjer voor zich uit duwde. Het Northwest fjord is zo'n prachtig gebied met 8 of 9 gletsjers die grenzen aan het binnenmeer. We scharrelen daar een paar dagen rond. Hier zien we voor het eerst rondvaartboten uit Seward die 's middags een poosje door het Northwest fjord varen. Wij hebben er geen last van, al snel keert de rust weer en zijn wij de enigen. 's Nachts horen we het donderende geluid van brokken ijs die van van de gletsjers breken en 's morgens zien we hier en daar nog het ijs drijven. Het is ook opvallend hoe verschillend de gletsjers zijn. Sommigen zijn helemaal blauw/wit tot ze het water bereiken. Anderen hebben zwarte strepen van grind die aangeven dat de gletsjer zijstromen heeft gehad in de bovenloop. Sommige gletsjers zijn bijna helemaal zwart en waar ze bijna gesmolten zijn komt hoe langer hoe meer grind naar boven. 
De ene heeft een soort puntige kantelen als een ijspaleis, de andere een verticale wand van ijs. Op de wanden waar vroeger de gletsjer langsschuurde zijn de rotsen geëtst met krassen van stenen die in de gletsjer zaten. We kunnen precies zien hoe hoog de gletsjer was aan de afgeschuurde rotsen en de puntige piekjes die daarboven uit steken. Vlakbij de voorkant van de grote Northwest gletsjer leven zeehonden op de ijsschotsen met hun jongen van dit jaar. De Orka's kunnen het binnenmeer niet in en hier liggen ze lekker veilig. In 1985 waren het er nog duizenden, nu zijn ze blij als het er enkele honderden zijn. Nog steeds weten ze niet precies waarom hun aantal zo afgenomen is, ze zijn al jaren beschermde diersoort.

De kleuren veranderen met het uur om ons heen. Het wordt al merkbaar later licht en de avondschemering zet eerder in. Het licht is ook zachter, zonsopkomst en ondergang kleuren rotsen en ijs in gloedvolle tinten. Er zijn niet veel loofbomen om ons heen, dus er zijn nog geen herfstkleuren maar alleen het donkere groen van de spruce bomen. Ook veel dode boom stompen van bomen die na de grote aardbeving van 1964 onder water gekomen zijn en daardoor afgestorven zijn. We varen in een oerlandschap wat al duizenden jaren gevormd wordt door de natuurkrachten om ons heen. Tekenen van menselijke bewoning zijn hier niet.

Er komt weer een regengebied aan en we varen met nul zicht door de Resurrection baai naar Seward. Aanlegplaats en eindpunt van talloze cruiseschepen, eind van de spoorlijn en grote weg. Te zien aan alle souvenirwinkels en restaurants lijkt het stadje vooral te draaien op toeristen. We lopen lang de waterkant naar het 'centrum', het is een kilometerslange parkeerplaats voor campers. En het zijn geen kleine Europese campertjes, dit zijn slagschepen die aan de zijkanten uitgeschoven kunnen worden voor kamerbreed tapijt. Wat doen al die mensen hier? Die vissen op de zalm die de baai in komt om naar hun respectievelijke paaiplaatsen te zwemmen boven aan de rivieren. De zalmen eten niet meer, dus aas heeft geen zin. Met grote werphaken aan hun hengel slaan ze de vissen in het lijf en halen ze binnen. Wintervoorraad! De haven heeft speciale schoonmaakplekken voor vis en bij de winkels in Seward kan je ze laten vacumeren, invriezen of op laten sturen naar huis.

We zijn opeens weer in de bewoonde wereld!

Foto's gletsjer hierboven Mc Carty, Tara in Thumb Cove, NorthWest Glacier, hieronder beren ;-), "kip uit het woud" paddestoel, enorm en erg lekker, Loon op Little Kitoi Lake, Dinglestad Glacier met top en de voet van de glacier (Mc Carty Fjord), IJsdak in Ottercove (NW Fjord), Sneeuw en ijsval vanaf NW glacier, Ogive Glacier (NW Fjord) Tara voor anker in Southwestern arm (NW Fjord)




















zondag 19 augustus 2018

Kodiak Archipel met Louise - augustus


Louise is de tante van Roel die al 62 jaar in de VS woont en graag mee wil varen als we in de buurt komen. Het is een ommelandse reis om van Indianapolis in Kodiak te komen met 3 vluchten heen en 4 vluchten terug, maar Louise heeft het allemaal voor elkaar. Twee weken geleden is haar arm uit de kom geschoten dus het was onzeker of het allemaal door kon gaan, maar nu zit ze dan aan boord!
We hebben een paar mooie dagen in het weerbericht dus we gaan op pad naar Kitoi waar een zalm-kwekerij zit en ruim gelegenheid om Kodiak beren te bewonderen. We kunnen zeilen en Louise houdt zich kranig ondanks een lichte zeeziekte. Eenmaal achter de kaap wordt het rustiger, we zien verschillende vissersboten en in Kitoi-baai liggen en zelfs een paar plezier-boten. We ankeren met een lijn naar de kant zoals we dat in Patagonië deden, maar het is duidelijk te lang geleden, want we doen er ruim 1,5 uur over. Maar dan liggen we ook in de zon met uitzicht op de kwekerij. We gaan nog even verkennen en Louise stapt moedig in de dinghy. 
We worden opgewacht door een jong gezin wat net op de kwekerij is komen wonen. De oudste van 9 neemt de lijn aan en we worden hartelijk welkom geheten. Ze hebben net zalmen gevangen en iedereen helpt schoonmaken. Ondertussen worden alle organen van de zalm onderzocht en benoemd door de dochters van 5 en 3 jaar, biologie in levende lijve. Genelle geeft ons een korte rondleiding door de kwekerij en intussen zien we de beren scharrelen aan de overkant van de stroom op zoek naar zalm. Eentje zwemt onder het dok langs waar we op staan en dat geeft mooie foto's! Ze zijn erg groot, maar hier zijn ze zo gewend aan de dieren dat ze er gemakkelijker mee omgaan. De beren horen aan de overkant van het riviertje en “mogen” niet in de kwekerij komen, dus daar worden ze verjaagd door roepen en af en toe een steen in hun richting. Ze lijken het te weten, want ze gaan gelijk terug naar “hun” kant. Het is zó leuk om naar ze te kijken. 
Voor het donker wordt varen we terug naar Tara, wat een dag! Als ik 's morgens het luik openmaak zie ik een beer op de wal scharrelen waar ik onze lijn heb vastgemaakt, daar had ik even niet aan gedacht. Het is natuurlijk prachtig om zo vanaf de boot met een kop koffie naar de beren te kunnen kijken. Het wemelt van de zalmen en de beren zorgen echt wel dat ze hun buikje rond-eten.
Die ochtend krijgen we de echte rondleiding, want wat zijn ze trots op hun kwekerij. Chet is ooit begonnen als vakantiekracht, maar is zo enthousiast dat hij inmiddels al jaren fulltime op de kwekerij woont en werkt. In lange jaren van onderzoek rond begin van de eeuw tot rond 1960 is uitgedokterd hoe je zalmeitjes kunt oogsten, bevruchten en de visjes kunt laten groeien tot ze het kwetsbaarste stadium voorbij zijn. Dan worden ze weer uitgezet in de in de beken in de wijde omgeving om 1 tot 3 jaar later – afhankelijk van de soort- weer terug te keren naar dezelfde stroom. Ocean farming noemen ze dat, het resultaat is wilde zalm waarbij het voortbestaan gewaarborgd blijft. 
De zalmen komen massaal terug en worden eerst geoogst voor de eitjes en alle miljoenen die dan nog over zijn mogen gevist worden. Visbedrijven kopen een share van de kwekerij om te mogen vissen en dat is ook het budget voor de kwekerij: 300 miljoen visjes voor 1 miljoen dollar!
Het blijkt dat vandaag “visdag” is in Kitoi-baai en er verzamelen zich tientallen visboten voor de opening om 12 uur. Wij kiezen wijselijk het hazenpad en ankeren net buiten de baai en gaan terug met de dinghy om het spektakel te bekijken van een afstandje. De boten krioelen door elkaar met lange netten ertussen in. Het is net een armada! Wij zeilen heel rustig de baai uit naar Spruce eiland, waar we in het haventje van het piepkleine Ouzinkie aanleggen. Op Spruce zijn geen beren, dus we kunnen rustig rondlopen in het prachtige bos wat vol met salmonbessen en bosbessen staat. Plukken geblazen!
Ook aan vis ontbreekt het ons niet. De dorpsbewoners vissen van de overvloedige zalm om in te maken en te roken voor het winter seizoen. Maar ze bieden ons ook heerlijke verse rode zalm aan. We maken zo kennis met Pete en Juanita die het vissen in het bloed zit. Op een avond gooien ze nog even hun net uit achter onze boot. Een half uur later halen ze weer binnen met 105 zalmen in het net! Teveel voor hen, maar delen kan altijd en ook wij krijgen weer een zalm om aan boord te roken. 105 zalmen schoonmaken en verwerken is nog een hele klus trouwens en wij zijn erg blij met de potten ingemaakte zalm van een eerdere lading die ze komen brengen. Wij bakken een appelcake als bedankje.
We ontmoeten meerdere dorpsbewoners, er wonen er rond de 130. Zo horen we het een en ander over de dorpspolitiek. Alle oorspronkelijke bewoners van Alaska hebben een deel in een landcompany, maar ook in een dorpsverband en sommigen in drie verschillende organisaties. Wie een deel heeft krijgt geld uit de company en dat kan aardig oplopen. Het leven is simpel op het eiland en velen hoeven dan ook niet echt te werken om rond te komen, vissen en een moestuin is al genoeg. De verenigingen zijn het niet altijd eens, dus ook in het klein is er veel te doen in de politiek. We genieten van het dorps gevoel en blijven een paar dagen tot slecht weer ons weer naar Kodiak doet verhuizen.
Louise houdt zich geweldig aan boord en ondanks haar zere schouder geniet ze volop van het cruisers-leven. 
In Kodiak vieren we Louises 85e verjaardag met echte Nederlandse verjaardagsvisite. Brad, John, Diane en Marsha komen koffie drinken en taart eten, een feestje!
Marsha neemt ons mee voor een rondrit over het eiland, het aantal verharde kilometers is zeer beperkt, maar we hebben een erg leuke dag. Prachtige natuur, baaien, vissers die vliegvissen naar zalm in een snelstromende rivier, mooie hoge kliffen, herten en schorren met kleine riviertjes. Op Kodiak Island is een commerciële raket lanceer installatie, dát was de grote witte toren die we zagen toen we erlangs voeren.
We hebben nog een mooie dag en doen een mini pelgrimage met Tara naar de kapel van Sint Herman op het puntje van Spruce eiland. Herman woonde ooit als priester in Kodiak maar was te kritisch over het losbandige leven en de behandeling van de natives. Zijn leven niet zeker week hij uit naar Spruce eiland, waar hij nog jaren een kluizenaarsbestaan heeft geleid, wat weer inspirerend was voor latere monniken. 50 jaar geleden is hij heilig verklaard door de Russisch orthodoxe kerk en zijn minimale hut werd de plaats voor een kapel in het bos. We varen erheen, Brad en Marsha gaan ook mee, het is de eerste keer voor hen om op Spruce eiland te komen. De tocht is geweldig, we lopen naar de kapel door het bos met aan weerszijden iconen uit de geschiedenis van de kerk in Alaska. Het licht en de mossige bomen zorgen voor een bijzondere sfeer en we zitten een tijd bij de kleine kapel. De botten van Herman liggen nu in een gouden kist in de kerk in Kodiak City, maar ik denk dat zijn geest gewoon hier is gebleven, het is een spirituele plek.
Een lunch op het strand met versgebakken brood van Roel gaat er goed in en we varen terug met stralend weer.
Het is tijd voor de terugreis van Louise, ondanks het ongemak van haar schouder had ze het niet willen missen, “One of the most memorable holidays of my life”. Wij hebben genoten van haar bezoek en zijn onder de indruk van haar manier van leven. Actief, open, vol humor en steeds in om iets nieuws te leren. Voor ons inspiratie en de “most memorable guest” die wij aan boord gehad hebben!




de meeste foto's spreken voor zich, Ouzinkie met de verschillende belangenpartijen, poster van meisje met plaatselijke hoofdtooi van kunstenares June Pardue uit Alutiiq museum  Sitka black tail hert, zalmvisser, tocht met Marsha, Oskar de haven otter, Spruce en kapel van Sint Herman















zondag 5 augustus 2018

Zomer in Kodiak - juli

We kunnen varen en hoe! We zeilen in de zon met een prachtige halve wind van Chignik naar Kodiak. Het is een overnighter, maar op deze manier is het een plezier om te zeilen. Ten zuiden van Kodiak eiland varen we door de Sitkinak straat, de stroming staat nog mee ook en het gaat voorspoedig. Daarna is de wind op en met de motor varen we naar de Japanese Bay. Er zijn meerdere baaien hier die een soort duin van zand in de ingang of halverwege hebben en daarachter ankeren we super beschut. Er liggen twee rijen boeien, netten of krabbenkooien, we weten het niet. Later horen we dat het krabbenkooien waren en dat de vissers het niet erg vinden als je wat krabben eruit haalt, als je maar aas terug stopt of nóg beter een sixpack bier. Dat zullen we goed onthouden!
De volgende dag varen we in mist en lichte regen naar de Three Saints Bay. Hier werd de eerste Russische nederzetting in Alaska gebouwd rond 1780. Al is daar niets meer van te zien, het is toch historische grond. Het is een natuurlijke haven met een laag gedeelte op de vinger in de ingang. Ik stel me voor dat daar het dorpje was. In 1792 verwoestte een tsunami het dorpje en werd besloten de "hoofdstad" te vestigen waar nu Kodiak stad is. (Kodiak is de naam van de archipel, het eiland en het stadje. Lekker verwarrend!). We liggen er prachtig, om ons heen hoge bergen en ondanks de harde wind hebben we geen last van valwinden. De volgende ochtend vertrekken we, de zon komt door de wolken en tovert een prachtige regenboog en kleurt later ook de sneeuwranden hoog in de bergen.
Het eiland Kodiak heeft een hoge bergrug in het midden en aan beide kanten diepe fjorden. Het is een onherbergzaam gebied en het grootste gedeelte is nationaal park met de Kodiak beren, vossen, herten en zalmen als enige bewoners.
De volgende stop is Old Harbor in de Sitkalidak straat en het lijkt erop dat het eindelijk zomer aan het worden is, we kunnen in een T-shirt naar het dorpje lopen. De tsunami in 1964 ten gevolge van een grote aardbeving in centraal Alaska (9,2 op de schaal van Richter, de grootste ooit in Noord Amerika) heeft hier alle huizen verwoest behalve het Orthodoxe kerkje. Vanaf het water ziet de kerk er mooi uit en we ontmoeten er Father Joseph. Een leeftijdsgenoot die later in zijn leven priester is geworden.
Hij onderhoudt de kerk en de grond erom heen en zorgt voor het zielenheil van zijn parochianen. Groot is die niet want er wonen maar 100 á 200 mensen in het dorp, afhankelijk van het jaargetijde. De kerk heeft een fijne sfeer en de gebruikelijke iconen sieren de inconastase en de wanden. Op de heuvel boven de kerk is het kerkhof en we verbazen ons over de vele Scandinavische namen die we tegenkomen, Olsen, Johanson en Haakonen bijvoorbeeld. Er is één winkeltje in het dorp met snoep, blikjes limonade en instant eten. Het is tevens koffiehuis, wifipunt, souvenirshop, eigenlijk annex alles want verder is er niets. De families laten de boodschappen per vliegtuigje bezorgen uit Kodiak stad en eens in de zoveel tijd gaat iemand met zijn boot naar Kodiak en haalt een hoop drank en dan viert het hele dorp een weekend lang feest. Dat laatste hebben wij overigens alleen van horen zeggen.
Wij vinden het nogal stil in het dorp, alleen honden hebben de tijd van hun leven en wandelen massaal met ons mee. De natuur is prachtig en woest, we zien een gletsjer tegen een van de bergen in het midden van het eiland. Verder bossen, water en scherpe pieken. Tegen de avond gaan we op zoek naar de Grote Kreek voor de beren die we op de ansichtkaarten gezien hebben. Of we ons geweer bij ons hebben? Nee, die hebben we niet, dus we hebben een handfakkel en fluitjes meegenomen. Het is even zoeken maar achter de nieuwe landingsbaan denken we de Grote Kreek te zien inclusief een mooi uitkijkpuntje om eroverheen te kijken. Onderweg zie ik een grote Kodiak beer op het strandje en hij loopt heuvel op precies naar hetzelfde uitkijkpuntje. Ik verzet geen stap meer en neem genoegen met de verrekijker, Roel loopt nog 500 meter door. De beer lijkt echt veel groter dan de beren die we in Volcano baai gezien hebben en snel is hij ook. Hij verdwijnt uit zicht, maar ons animo om naar het uitkijkpuntje te lopen is toch wat bekoeld.

Weer een prachtige dag om te varen, al hebben we geen zucht wind. We volgen de kustlijn op weg naar Kodiak. Het is een imposante kust met hoge kliffen en diepe inhammen. Ergens staat een enorme witte toren, maar een vuurtoren kan het bijna niet zijn. Als we de Chiniak baai invaren ontwijken we een veld kelp, maar wat vreemd dat het beweegt! Het blijkt een "raft" (vlot) van zeeotters te zijn die in elkaar gevlochten lekker liggen te relaxen in het water. We zien nog twee van die raft's, zeker 150 zeeotters alles bij elkaar! We ankeren tegenover Kodiak stad en genieten van het mooie weer.
Kodiak is na Dutch Harbor de tweede grootste vissershaven in de USA, al lijken veel vissers uitgevaren. Met de dinghy gaan we verkennen. Dit is dan dé stad waarvan iedereen ons heeft verteld dat het voorlopig de grootste plaats is die we aandoen. Het is veel kleiner dan Zierikzee, wat we vroeger "de stad" noemden. We zien vooral veel bars, restaurants en souvenirwinkels. De supermarkt is kilometers buiten de stad evenals het warenhuis Wallmart.
Zondag is bijna alles gesloten, maar er is een wandeling met de lokale Aubudon Society die lijkt op Vereniging Vogelbescherming in NL. We zijn met zo'n 16 mensen en rijden Kodiak uit naar het park rondom Fort Abercrombie uit WW2. Brad geeft ons een lift en alle gasten zonder auto worden zo verdeeld. De gids heeft een leuke route bedacht en we zien uitkijkbunkers, kannonen en walvissen spelen vanaf een van de forten.
Het is opvallend hoe anders de kust eruit ziet vanaf de kant, zeker omdat we ruim honderd meter boven het water staan. Er is een binnenmeer met waterlelies, nog wat laatste bloemen, salmonbessen en mooie hoge Sitka Spruce, de lokale den. Ondanks de bordjes dat er beren gesignaleerd zijn in het park zien we er geen één. Dat kan ook bijna niet anders met zoveel mensen, waarvan 4 of 5 kinderen, er wordt wat afgepraat! De groep is erg gevarieerd en we spreken een paar lokale bewoners. Brad is hier als kind naar toe verhuisd, maar veel zijn hier pas later komen wonen, sommigen zelfs na hun pensionering. Kodiak is in de laatste 50 jaar een stuk 'zachter' geworden zoals Brad het uitdrukt, toen waren er vooral ruige bars en vrijwel alleen (zee)mannen. De verhouding man-vrouw is nu wat beter, maar nog steeds uit balans, een probleem waar heel Alaska mee kampt.
Na de koffie met Brad doen we even een snel rondje watersportwinkel, de eerste sinds Nieuw Zeeland en Doe-het-zelf winkel, wat een luxe. Het is nog steeds zonnig weer, zou het écht zomer kunnen zijn? We hebben geen zin in de haven en varen terug naar Chiniak Baai om otters te kijken. We ankeren ergens in het midden, ze schrikken van ons en zwemmen verderop. Als we maar lang genoeg blijven liggen komen ze vast terug. We wachten met een glaasje wijn en lekkere hapjes en ze komen inderdaad terug. Het is een stralende avond en we hebben uitzicht op de bergen met hier en daar sneeuw rondom de baai. Waarom zouden we teruggaan, we blijven lekker liggen, 2 mijl van de haven en in gezelschap van de otters. Dat is zeker goed voor 500 otterfoto's....

Nu dan toch de haven in, boodschappen met de taxi, de was op de fiets en ´s avonds een heerlijk in Kodiak gebrouwen speciaal biertje met de bemanning van Kiwi Coyote en Brother Wind.