dinsdag 15 mei 2018

Shikoku - april


De aardige meneer Yoshida san organiseert een herdenkingsdag voor zijn boot Domingo en tegelijkertijd is het een afscheidsfeest voor de buitenlandse boten & bemanning. Door alle vertraging zijn we er gewoon bij. Hij is er blij mee en voor ons is het een goede manier om afscheid te nemen. Bijna alle haven vrienden zijn er, evenals de oude bemanning van Yoshida san's boot. Hij is dik in de tachtig maar nog erg kras en zeer geliefd, zowel bij zijn oude vrienden als bij de buitenlanders. Ze hebben een geweldige BBQ georganiseerd, vlees, vis, schelpen, groente, sushi alles is er. Tot slot wordt er op een grote plaat Yakisoba gemaakt, een soort bami, om de gaatjes te vullen. Zoals gebruikelijk hoeven we niets mee te nemen, maar onze grote plaatcake gaat erin als koek aan het eind van de maaltijd. Als bedankje krijgen we dan weer een doos mee met allerlei taartjes die ook door iemand gemaakt zijn. De gastvrijheid is overweldigend en we nemen afscheid met een warm gevoel, thuis ver van huis. Er is zoveel Yakisoba dat we er de volgende avond op Tara nog een keer van eten met de Alaska gangers, er wordt wat uitgewisseld op zulke avonden! Waar zullen we elkaar weer zien? 

Hiro helpt ons met een ritje naar een soort Makro waar we twee karren volladen en al het droge eten (en kaas) inslaan tot we ergens in Alaska weer aan kunnen vullen. Japanners kopen meestal eten voor de dag zelf en onze volgeladen karren vallen erg uit de toon. Maar we worden wel afgezet met de auto bij de boot, wat een heerlijke luxe.

's Morgens vroeg varen we dan toch eindelijk uit. Jane en Roger gooien ons los, tot in Alaska! Graham en Mami zwaaien ons uit, zullen we elkaar ooit weer zien? We zijn los!
Ondanks het afscheid, of misschien juist wel dankzij, is het heerlijk om weer op pad te gaan. Een pittige storm voor het komend weekend bepaalt de route, maar we varen weer! Op de motor weliswaar, want de wind is nu nergens te bekennen.

We varen een uur of zes naar het eiland Shikoku. In vroeger eeuwen was Shikoku een afgelegen eiland, bergachtig en onherbergzaam. De cultuur heeft hier een heel eigen kleur en ritme. Tokushima is een beschutte haven waar we aanleggen bij de pier van de jachthaven in het midden van de stad. Typisch voor hier, we komen aanvaren, iemand springt op zijn fiets, wijst ons waar we af kunnen afmeren en helpt met aanleggen. Liggeld is niet nodig, hij komt nog wel eens een biertje drinken. In Tokushima ligt Larry die we eerder ontmoet hebben in Tannowa. Hij introduceert ons bij zijn lokale vrienden, we eten een avond bij hem aan boord en krijgen een uitnodiging voor een etentje in het clubhuis. Erg gezellig en we voelen ons gelijk thuis. De aardige man van het aanleggen houdt woord en komt 's avonds laat met twee zeilers binnen vallen. Ze hebben al wat gedronken lijkt het en het is even schakelen. Ze bellen nog een vriendin die ook onmiddellijk aanschuift en er komen plannen om met z'n allen te eten. Mag dat bij jullie aan boord? Geen probleem, 6 uur vrijdagavond.

Kortom we vervelen ons geen moment. We huren drie dagen een auto en trekken er op uit. Het eiland is bekend vanwege een speciale pelgrimstocht langs 88 tempels die ooit gesticht zijn op plaatsen waar de monnik Kobo Dashi geweest is. Het lopen van de route duurt een maand of drie, maar met de auto kunnen we er ook een paar bezoeken. De Tairyu-ji tempel ligt hoog op een berg en er gaat een kabelbaan naar toe. We maken een prachtige wandeling in de buurt van de tempel naar de vermeende meditatie plaats van Kobo Dashi, op een rots met uitzicht over de vallei, indrukwekkend!

De auto heeft een gps en de dame spreekt Engelse aanwijzingen, maar het instellen van het adres kan alleen in het Japans. Op het kaartje prikken we zo'n beetje waar we naar toe willen, maar de eerste dag is het toch behelpen. Het thermale bad (Onsen) wat we uitgezocht hebben ligt in de buurt van de tempel, dus op pad. Een paar keer komen we wegwerkzaamheden tegen, geen probleem lijkt het tot we vlak bij de baden zijn. De weg is afgesloten. Het stond vast op alle borden, maar die kunnen we niet lezen. Ook op de terugweg rijden we verkeerd, maar uiteindelijk vinden we een andere Onsen met zout thermaal water, schoon en warm komen we weer thuis.
De tweede dag rijden we de Iya vallei route. We zijn vroeg in het seizoen, dat is maar goed ook want de route is veel eenbaansweg! Zodra we van de kust wegrijden gaan we de bergen in. Het is er prachtig. Door de koudere temperaturen staan hier de kersenbomen nog in bloei, naast allerlei andere voorjaarsbloemen. Langs de route zijn er mooie plekken om te stoppen en te genieten. Een dubbele hangbrug gemaakt van lianen van de wisteria/blauwe regen over de rivier is al honderden jaren in gebruik voor mensen en paarden. Nu zijn de bruggen versterkt met staalkabels, maar ze blijven prachtig. Een dorp waar een kunstenaar zeker honderd mansgrote poppen gemaakt heeft, het lijkt net echt bewoond, maar een levend mens zien we er niet. We hopen naar de top van een van de bergen te lopen, maar de stoeltjeslift is nog niet in gebruik. Een oud samoeraihuis is wel te bezichtigen en natuurlijk een tempel. Zo slingeren we de hele dag langs de rivier. De bergen worden steeds hoger, de rivier steeds dieper.

Als eindpunt van de route hebben we het thermale bad uitgezocht van het Iya hotel. De onsen ligt aan de rivier, het hotel ligt 200 meter hoger aan de weg. Met een tandradbaan die bijna verticaal naar beneden gaat komen we in het badhuis. Het bad is in de open lucht en heeft uitzicht op de rivier en de omliggende bergen, het thermale water komt zo uit de grond. Het is heerlijk om de dag zo af te sluiten. We zijn nu bijna bij de snelweg aan de aan de andere kant van de vallei en rijden in anderhalf uur weer terug. Wat een heerlijke dag.
De laatste autodag hebben we een goede verstandhouding met de gps en komen we zonder problemen van a naar b. 

In Takamatsu is Ritsurin Koen, een grote tuin uit de Edo periode die zeer de moeite waard is. Prachtig aangelegd en met honderden zeer oude pijnbomen die stuk voor stuk op een bepaalde manier gesnoeid zijn. Het is bijzonder, je ziet een oude boom die zo prachtig gegroeid is (lees in al die jaren zo gevormd is door de tuinman) en zo precies in zijn omgeving past dat het effect ontroerend is. En dat niet één keer maar ieder hoekje, ieder paadje en je staat oog in oog met een prachtig, evenwichtig gezicht op een boom, vijver, eilandje, bloeiende boom en ga zo maar door. Er is een heuvel gemaakt in het park van waar je uitzicht hebt op de vijvers met een brug en dan zie je dat de vorm van de tuin weerspiegeld wordt in de vorm van de heuvels erachter. Zelfs het taartje bij de koffie is een weerspiegeling van de verfijning van de tuin. 
We zien vijf tuinmannen aan het werk bij het snoeien en uitplukken van de oude naalden van de pijnbomen. Ieder werken ze minstens een volle dag aan 1 boom. Het lijkt net of de boom naar de kapper gaat, de ongeplukte takken zien er vol en wat rommelig uit, na afloop zijn het mooie strakke – en toch natuurlijke- vormen. Een mooie boom is hier geen boom die natuurlijk gegroeid is, maar een boom die zo gevormd is dat je de ziel van de boom tot uitdrukking laat komen.

Na deze schoonheid gaan we het toeristen gedrang in om de tempel van Konpira San te bezoeken. De trappen naar de tempel tellen 1300 treden en voor ons de moeite waard omdat het de tempel is van de zeevaarders. Eerst ons koekblik kwijt, maar ondernemers helpen ons daar graag bij en we krijgen een persoonlijke escorte naar de dichtstbijzijnde parkeerplaats, de tante van de jongen. De eerste straatjes langs de trappen zijn gevuld met souvenirwinkeltjes, koekjes bakkers en restaurantjes. We belanden in een schooluitje van eerstejaars senior highschool en dat is al grappig om naar te kijken. Al die nieuwe uniformen, schooltassen en schoenen. De telefoon is een onmisbaar uitrustingsstuk. Gaandeweg neemt het gedrang af bij het klimmen van de trappen. 
Toch komt de tempel voor ons als een verrassing. We hadden ons ingesteld op een zware klim, maar dit ging (té?) makkelijk. We zijn er toch echt en we laten ons Tara visite kaartje achter tussen de fotolijsten met enorme schepen die hier een zegening voor een goede vaart gevraagd hebben. We schrijven een wens voor een goede vaart in drie talen op het bordje dat we ophangen in de tempel. Ik vraag nog eens bij de buren hoe dat nu zit met de stappen, we zijn pas bij dik 800, maar de rest van het pad naar de kleine, hogere tempels is weggevaagd door een recente tyfoon. Even is er teleurstelling, maar dan komt het Nederlands gevoel weer boven, we hebben immers korting gekregen....;-)

De avonden zijn gezellig. Het etentje bij de jachtclub is zeer geanimeerd, met liedjes & muziek en ontaardt in een Sake proeverij die mij de volgende dag nog bezig houdt. We ontmoeten veel nieuwe mensen, die we waarschijnlijk niet meer zullen zien, maar dat mag de pret niet drukken. We worden op een warme manier opgenomen in het zeilers gezelschap. 

De avond van het etentje op Tara vragen we ons af wat er precies van ons verwacht wordt, de afspraken zijn -voor ons- niet helemaal duidelijk. We denken dat iedereen wel iets mee zal brengen. We ruimen de boot op, halen eten in huis zetten bier en wijn koud en gaan zien wat er gebeurt. Om 5 voor 6 is er nog niemand, hebben we het wel goed begrepen? Om klokslag 6 uur komen de eersten binnen, om 5 over 6 zijn we compleet. Er komt nog twee vrienden mee, uiteindelijk zijn we met 8 man. Er is eten, prachtig rundvlees voor in de fondue, groente, een pan, een brander aan alles is gedacht. Onze bijdragen worden geruisloos opgenomen in het geheel. Er zijn 2 zeilers uit het noorden die samen drie maanden rondzeilen, 3 buitenlanders en 3 lokale zeilers. Er is bier, wijn en sake - die ik maar even oversla - het wordt een hele leuke avond. Gelukkig is Seiko er ook want de Japanse zeilerswereld is een mannen gebeuren. Op zich niet erg, maar een mix is leuker. Zouden wij in Nederland ook zo gastvrij zijn? Zijn er minder buitenlandse zeilers? Ik kan me niet herinneren dat we daar zomaar aanschuiven met vreemde zeilers.

Nog tijd om wat lokale sfeer op te snuiven. Tokushima is bekend om de Awa Odori dansen, dat is in augustus een enorm gebeuren hier. We gaan naar een voorstelling voor bezoekers. Het is een kleine groep, maar het kost geen enkele moeite om je voor te stellen hoe levendig dat zal zijn in de straten als er honderden tegelijk dansen. De kostuums van de vrouwen vind ik echt bijzonder. Onderweg naar de voorstelling vragen we de weg en zo ontmoeten we een ondernemer die verschillende winkels heeft in Tokushima. We lopen door een bijna uitgestorven overdekt winkelcentrum in het centrum. Het aantal jonge mensen neemt gestaag af vertelt hij, er worden te weinig baby's geboren hier. Er is vorig jaar een nieuwe mall geopend, de kleinere winkels in de oudere arcade sluiten of hebben het zwaar.
We hebben er wel over gelezen, maar nog niet van zo dichtbij gezien. Voorspelling voor de Japanse bevolking: nu 127 miljoen, in 2050 100 miljoen en in 2100 nog maar 67 miljoen. Een halvering dus en van die 67 miljoen zal het grootste deel 70 plusser zijn......

Met Tara doen we de laatste 'attractie' we varen door de draaikolken onder de Naruto brug door. Een smal stukje vaarwater tussen de eilanden Shikoku en Awaijima waar de stroming zich doorheen perst. Volgens de lokale folder staat deze in de wereldwijde draaikolk top 3! Maar wij zitten aan de veilige kant van het tij en het valt best mee.
De diepte loopt terug tot een meter of 15 en daaroverheen stroomt het behoorlijk, maar té snel is het weer afgelopen en bij gebrek aan wind varen we op de motor de binnen zee van Japan in.

voor meer Awa odori dansen een you tube film uit 2017 

Foto's : Bedelmonnik bij de Tairyu tempel, "Kobi Dashi" op zijn rots, het Poppen dorp, de kabelbaan naar de Iya Osen in de diepte,  Ritsurin Tuin, de boom en de kapper, Konpira tempel, Etentje op de jachtclub, Tempel met treur Sakura,
















Geen opmerkingen:

Een reactie posten